Teenstra 17-02-1836: bouw 4 paardelootsen; 6000 Elzen en 1000 Canadesche populieren besteld; 

___________________________________________________________

Eijerland den 17 februari 1836 

Den Wel Edelen Heer
Den Heer N. J. de Cock
Directeur der Societeit van
Eigendom van Eijerland
te Rotterdam 

Wel Edele Heer !

UWEd geëerde letteren van den 14 dezer zijn voor mij gisteren avond geworden, tevens is toen ook den Heer van Doorn hier aangekomen, – de plaats voor de paardelootsen heb ik aangewezen en uitgezet, 2 aan de lange weg en 2 aan de Hoofdweg; en de timmerlieden geven ons hoop dat de stallen nog in deze maand gereed zullen zijn. 

  Aangenaam is het ons UWEd ook nog voor het einde dezer maand op Eijerland te mogen verwachten wijl er als dan veele belangrijke punten definitief kunnen worden bepaald en in werking worden gebragt; – 

  De keet vroeger door den Onderbaas de Geus bewoond zullen wij dadelijk voor de Boomkweker naar Maaike-duin overbrengen; – van het Hooi door de Heeren Langeveld op het Kamper eiland aan te kopen heb ik niets naders gehoord; – Ook den Hr Reinders heeft mij geschreven ij het benoodigde zaaigoed te zullen zenden, wij zijn bezig daarvoor zolders in de Zanddijks[boe] te maken. 

De Boomkweker Bosgra te Bergum heb ik geschreven om 6000 Elzen en 1000 Canidasche populieren te zenden. – 

  Ook neem ik de vrijheid UWEd te herinneren dat het Contract (tot dusverre eene mondelinge toezegging) met van der Helm nog moet worden opgemaakt. – 

  Voor het te kortkomende materiaal zorgt den Heer van Doorn bestaande hoofdzakelijk in planken.- 

  Na vriendelijke groete van de Heeren Wisboom, Reinbach, en van Doorn,

Heb ik de eer met de meeste Hoogachting te zijn.
Wel Edele Heer !
UWEDvDienaar
De Directeur van Landbouw van Eijerland
M. D. Teenstra

___________________________________________________________

Naar Brieven 1836/1837