| ___________________________________________________________ |
Noordpolder den 22 febr 1836
den Heer N.J. de Cock
te Rotterdam
Mijn Heer & Vriend !
Heden is door een Schip naar het Eijerland verzonden
2 wagens, 6 Aardkarren, 6 Molborden, met toebehooren, benevens losse Strengen & Touw voor de nog te zenden Zeeltuigen & Tomen;
De andere gereedschappen nl: 4 Wagens en 6 Rolblokken worden deze maand klaar.
105 Mud fijne vriesche haver om te zaaien a 49 v ℔ f 2.50 f 262.50
130 Mud voer haver voor de Paarden a 43 ℔ f 2 f 260
150 Mud Zomergerst om te zaaien a 59 ℔ f 4 f 600
10 Mud Wintergerst, als Maartegerst te zaaien a 60 ℔ f 4.25 f 42.50
50 Mud Zomer Koolzaad f 13.50 in zakken
4 Mud wit klaverzaad f 40.50 in zakken
Daar de gereedschappen nog maar gedeeltelijk klaar & betaalt zijn, zoo zal ik de kosten daarvan later opgeven.
Verder heeft dit schip ingeladen, mondbehoeften, huisraad en eenige Knegts van de Zetboeren, hetwelk alle in zakken aan het Eijerland behorende (voor zoo ver hiervoor geschikt) is gepakt. – gemerkt Eijerland en genommerd van 1 tot en met 95.
Twee andere Schepen hebben geladen 36 Paarden met de beide Zetboeren en eenige Knegts aan boord.
De inkoopsprijs bedraagd van de Paarden ƒ 5117.45 waarvan ik de lijsten bij de laatste verzending zal over maken.
Stoepker heeft een voorschot van ƒ 534- en Houwinga van ƒ 125- van mij ontvangen, gelijk uit nevens gaande bekentenis blijkt. – De timmermman die de dorschblokken maakt heb ik f 100 voorgeschoten. –
De Schipper voor de zaden & gereedschappen heeft f 105- bedongen, en de andere beiden, buiten het liggeld, kosten door vriesland (deze kosten krijgen de koevaarders altoos terug om maar spoed te maken) f 120- ieder.
Zoo zij geen vragt op het Eijerland ontvangen, zal ik betalen.
Zoodra de beide Schepen hier terug zijn zal ik de andere 36 paarden afzenden, of UEd moet nog hieromtrent andere order geven.-
In deze week zal ik een Schip met Stroo zenden, het gezondene zal zoo lang in de behoefte kunnen voorzien.-
De 4 wagens & 6 rolblokken komen met het Schip met Stroo of met de Paarden mede.
Ik heb aan Teenstra gerecommadeerd, om ieder Boer dadelijk een zeker gedeelte van de Polder aan te wijzen, welke hij in order brengen en bezaaien moet, om de vragen tusschen dezelve op te wekken en dat alles zoo veel mogelijk met order en schielijk afloopt.-
Zoo daar alles van hier verzonden is zal ik mijn rekeningvan ontvangst & uitgaaf opmaken en overzenden.
In afwagting dat alles me genoegen mag ontvangen worden, en nog in uwe dienst & vriendschap aan bevelende noem ik nog Uwen DVDr & Vriend
GReinders
NB: de contracten der Zetboeren heb ik aan Teenstra verzonden om des forts wille
NB: De Schippers met de Paarden kunnen de Knegts niet brengen, doch zij gaan onder betaling met de Schipper met de goederen.
Reinders
___________________________________________________________
Naar Brieven 1836/1837