| ___________________________________________________________ |
Dingsdag, den 22 October 1861.
No. 1.
Gelezen een adres van Roelf Eijes Torringa, landeigenaar te Zuurdijk, van Jan Ennes Hekma, landbouwer te Zuurdijk en Berend Reinders Dijksterhuis, hoofdonderwijzer te Warfhuizen,
alle drie de belanghebbenden gekozene Commissie voor den aanleg eens kunstwegs van af den grindweg van Warfhuizen naar de Roode Haan, ten noorden de plaats van J. L. Boer, bij den handwijzer, over Zuurdijk tot de Keijenstraat te Houwerzijl, daarbij te kennen gevende
dat zij, als alle belanghebbenden in de Gemeenten Leens en Ulrum, met leedwezen hebben vernomen dat de Provinciale Staten in de jl. Julij-vergadering den bedoelden voorgedragen weg, onder aanbieding van 80 procent der kosten van aanleg, benevens den grond voor de aardebaan en, des gevorderd, voor een te stichten tolhuis, niet hebben aangenomen;
Dat zij hierop in eene vergadering met de belanghebbenden te Zuurdijk op nieuw hebben ter sprake gebragt, en het hun gelukt is, bij inschrijving [onleesbaar], thans buiten den grond van de aardebaan en het tolhuis, te kunnen beschikken over eene som van 65 procent der kosten van aanleg van den geheelen weg, zijnde eene lengte van 6840 Ellen, begroot op ƒ 32.840,-;
Dat zij zich hebben gewend tot den Raad der Gemeente Leens, met verzoek dat door die Gemeente moge worden bijgedragen 35 procent tot de kosten van aanleg dezer weg, zooverre dezelve onder de Gemeente Leens behoort, en de vrijheid nemen zich te wenden tot den Raad der Gemeente Ulrum, met verzoek dat deze vergadering moge besluiten de vroeger beloofde 25 procent der kosten van aanleg van het in deze Gemeente liggende gedeelte van 750 Ellen, begroot op ƒ 3.740,-, met 10 procent te verhoogen, en alzoo te brengen op 35 procent, ten einde daardoor in staat te worden gesteld te kunnen beschikken over 100 procent der kosten van aanleg, onder aanbieding waarvan zij zich vleijen dat de Raad der Gemeente Leens zal kunnen goedvinden, van wege die Gemeente aan de Provincie aan te bieden 100 procent der kosten van aanleg dezer geheelen weg, buiten de kostelooze levering van den grond voor de aardebaan en, des gevorderd, voor een te stichten tolhuis benodigd, en deze H.H. Gedeputeerde Staten moge vragen de bestaande stukken in de a.s. 6 November-vergadering der Staten dezer Provincie opnieuw ter tafel te brengen en te verzoeken dat de aanleg van rekening der Provincie nog in den loop van het jaar 1862 moge plaats hebben, en de Provincie het voortdurend onderhoud op zich neme.
Waarop zijnde gedelibereerd en in aanmerking genomen, het wenschelijke van de daarstelling dezer weg, met het oog vooral op [onleesbaar], die uitvoering voorzoveel dezer Gemeente zooveel mogelijk te ondersteunen.
Is goedgevonden, der adressanten verzoek in te willigen en mitsdien, onder goedkeuring van Heeren Gedeputeerde Staten dezer Provincie, te besluiten tot daarstelling des in dezen bedoelden kunstwegs, van het gedeelte onder de Gemeente Ulrum behoorende, [onleesbaar] dezer Gemeente bij te dragen vijfendertig procent der kosten van aanleg, zich verbindende het bedrag daarvan aan de Commissie voornoemd of aan het bestuur der Gemeente Leens te voldoen op zoodanigen tijd als in verband met de lengte door Heeren Gedeputeerde Staten te nemen beschikkingen mogt worden bepaald.
Afschrift dezes zal aan de adressanten worden uitgereikt tot dispositie op derzelver ingediend request.
Gedaan te Ulrum, ter gemeenteraadsvergadering van den 22 October 1861.
De Burgemeester,
[handtekening]
De Secretaris,
[handtekening]
Wethouder.
| ___________________________________________________________ |
I. Extract uit het Register der handelingen van den Raad der Gemeente Leens
No. 1.
Extract uit het Register der handelingen van den Raad der Gemeente Leens.
Woensdag den 23 October 1861.
Gelezen een adres van Roelf Eijes Torringa, Landbouwer te Zuurdijk, Jan Ennes Hekma, Landbouwer te Zuurdijk en Berend Reinders Dijksterhuis, Hoofdonderwijzer te Warfhuizen,
als de door de belanghebbenden gekozene commissie, voor den aanleg eens kunstwegs van af den grindweg van Warfhuizen naar de Roordehaan, ten noorden de plaats van J. L. Boer bij den handwijzer, over Zuurdijk tot de Keijenstraat te Houwerzijl, daarbij te kennen gevende, dat zij, als alle belanghebbenden en de betrokken Gemeenten Leens en Ulrum met leedwezen hebben vernomen, dat de Provinciale Staten in de Julij vergadering den bedoelden voorgedragen weg, onder aanbieding van 80 procent der kosten van aanleg, benevens den grond voor de aardebaan en des gevorderd voor een te stichten Tolhuis, niet hebben aangenomen;
dat het hun evenwel wenschelijk voorkomt dat de belanghebbenden de zaak op nieuw hebben ter sprake gebragt, en het hun gelukt is, bij inschrijving van deze, thans buiten den grond voor de aardebaan en het Tolhuis te kunnen beschikken over 65 procent der kosten van aanleg voor den geheelen weg, zijnde eene lengte van 6840 Ellen, begroot op ƒ 32840,–, en welke 65 procent zij daarbij de Gemeente aanbieden, onder voorwaarde en bij het submiss verzoek:
A. dat de Raad dezer Gemeente moge besluiten, de overige beloofde 35 procent der kosten van aanleg met 10 procent te verhoogen en daar te brengen op 35 procent voor zoover de weg in de Gemeente Leens wordt aangelegd – wordende van de Gemeente Ulrum 35 procent gevraagd voor het in die Gemeente liggende gedeelte van 750 Ellen, begroot op ƒ 3790,–, om aldus 100 procent der kosten van aanleg aan de provincie aan te bieden, buiten de kostelooze levering van dezen grond voor de aardebaan en des gevorderd voor een te stichten Tolhuis, wegens reeds door de commissie aangeboden;
B. om de bovengenoemde commissie te magtigen om bij de aanneming van den weg met H.H. Gedeputeerde Staten of derzelver gecommitteerden de eindrigting van den weg, de plaats voor het Tolhuis, zoomede de glooiingen of afrigtingen enz. te regelen, bij rectificatie dezer volgens eene belofte eindelijk behoorlijk te onderwerpen aan het gevoelen van H.H. Gedeputeerde Staten.
Gehoord heeft door den Voorzitter medegedeeld, dat de Raad der Gemeente Ulrum in zijne vergadering van den [—] dezer, onder daartoe vereischte goedkeuring heeft besloten, de van die Gemeente gevraagde 35 procent der kosten voor aanleg te betalen.
Overwegende het wenschelijke van de daarstelling dezer weg en in aanmerking nemende de aanzienlijke opofferingen der belanghebbenden, de ingezetenen zich bij de uitvoering van dit werk voornemens zijn te getroosten, in verband waarmede er alle reden bestaan, de uitvoering ook van zijde der Gemeente, met het nog ontbrekende aan de voorgestelde bijdrage te ondersteunen;
Is goedgevonden en verstaan:
1°. Onder goedkeuring van Heeren Gedeputeerde Staten te besluiten:
a. Tot de daarstelling dezer kunstweg, voor het gedeelte onder de Gemeente Leens behoorende, uit de Gemeente fondsen bij te dragen vijf en dertig procent der kosten van aanleg.
b. Bij deze aan de provincie aan te bieden 100 procent der kosten van aanleg dezer weg, met de gronden voor de aardebaan en des gevorderd voor een te stichten Tolhuis benodigd, overeenkomstig het vroeger ontworpen en hiervoor bedoelde plan, zich verbindende het bedrag dezer subsidie te voldoen, op zoodanigen tijd, als door Gedeputeerde Staten zal worden bepaald.
c. De bestaande commissie voor den aanleg dezer weg, in het hoofd dezes genoemd, te magtigen, om bij aldien tot den aanleg mogt worden besloten, met H.H. Gedeputeerde Staten of derzelver gecommitteerden de eindrigting van den weg, de plaats voor het Tolhuis, zoomede de glooiingen of afrigtingen enz. te regelen, onder deze voorwaarde, dat bij wijzigende veranderingen de beslissing van H.H. Heeren Gedeputeerde Staten zal worden overgelaten.
2°. Heeren Gedeputeerde Staten dezer provincie te verzoeken, de voordragt tot den aanleg der in dezen bedoelde kunstweg, van af den grindweg van Warfhuizen naar de Roordehaan, ten noorden de plaats van J. L. Boer bij den handwijzer, over Zuurdijk tot de Keijenstraat te Munnikezijl, waarop afwijzend reeds beschikt bij besluit der Staten dezer provincie van den 20 Julij jl. nº. 10, in verband hiermede in nadere overweging te nemen, dezelve opnieuw ter tafel te brengen in de aanstaande November vergadering van de Staten dezer provincie, en het zooveel mogelijk daarhenen te wenden,
dat op de voorwaarden boven omschreven nog in den loop van het jaar 1862, van wege de provincie tot den aanleg dezer weg moge worden overgegaan en de provincie het voortdurend onderhoud op zich neme.
3°. enz.
Gedaan te Leens in openbare vergadering van den Raad der Gemeente Leens, den 23 October 1861.
De Burgemeester,
[handtekening]
De Secretaris,
D. N. Bolt, Wethouder.
II. Begeleidende voordracht / brief
No. 312.
1 bijlage.
Voordragt nopens den aanleg van een Kunstweg.
Wehe den 23 October 1861.
Naar aanleiding van het daartoe gedaan verzoek door de commissie voor den aanleg eens kunstwegs van af den grindweg van Warfhuizen naar de Noorderlaan, ten noorden de plaats van J. L. Boer bij den handwijzer, over Zuurdijk tot de Keijenstraat te Houwerzijl, heeft de Raad dezer Gemeente in zijne vergadering van heden onder goedkeuring van H.H. Gedeputeerde Staten besloten:
a. Tot de daarstelling dezes kunstweg, voor het gedeelte onder de Gemeente Leens behoorende, uit de Gemeentefondsen bij te dragen 35 procent der kosten van aanleg.
b. Aan de provincie aan te bieden, 100 procent der kosten voor aanleg, met de gronden voor de aardebaan en des gevorderd voor een te stichten Tolhuis benodigd, overeenkomstig het vroeger ontworpen plan, zich verbindende het bedrag dezer subsidie te voldoen op zoodanigen tijd als door H.H. Gedeputeerde Staten zal worden bepaald.
c. De bovengenoemde commissie te magtigen, om bij aldien tot den aanleg mogt worden besloten, de eindrigting van den weg, de plaats voor het Tolhuis, zoomede de glooiingen, afrigtingen enz. nader te regelen, onder voorwaarde dat bij wijzigende afwijking van bedoeld plan de beslissing van H.H. Gedeputeerde Staten zal worden ingeroepen.
Een afschrift van dat besluit hebben wij de eer hiernevens aan UEd. Achtb. toe te zenden, met beleefd verzoek de voordragt tot den aanleg der in dezen bedoelde weg, waarop afwijzend reeds beschikt bij besluit der Staten van den 20 Julij jl. no. 10, in verband hiermede in nadere overweging te nemen, dezelve opnieuw ter tafel te brengen in de aanstaande November vergadering van de Staten dezer provincie, en het zooveel mogelijk daarhenen te wenden, dat op de voorwaarden boven omschreven nog in den loop van het jaar 1862, van wege de provincie tot den aanleg dezer weg moge worden overgegaan en de provincie het voortdurend onderhoud op zich neme.
Het Gemeente Bestuur van Leens
[handtekening]
Ter ordonnantie van Dezelve
De Secretaris
A. N.Bolt, Wethouder.
| ___________________________________________________________ |
No. 3221 1
bijlage
Staten 12 Nov. 1861 No. 3; 5 Dec. 1861 No. 65. Plan wegens een kunstweg van Warfhuizen over Zuurdijk naar Houwerzijl.
Wehe, den 6 November 1861.
Ten vervolge op onze missive van 23 October jl. No. 312, rakende den aanleg van een kunstweg van Warfhuizen, over Zuurdijk naar Houwerzijl, hebben wij de eer hierbij aan WelEdGrootAchtb. in te zenden afschrift van het besluit van den Raad der Gemeente Ulrum dd. 22 October jl. No. 1, daarbij betrekkelijk, als heden door de Commissie voor den aanleg dier weg ter hand gesteld, met verzoek dit alsnog bij de tot deze zaak betrekkelijke stukken voor te leggen, teneinde daarvan zoodanig gebruik te kunnen maken, als WelEdGrootAchtb. zullen vermeenen te behooren.
Het Gemeentebestuur van Leens:
Van Wege, Hetzelve,
De Burgemeester en Secretaris,
W Wolthers
Aan
de EdelGrootAchtbare Heeren
Gedeputeerde Staten van
de Provincie Groningen.
| ___________________________________________________________ |