| ___________________________________________________________ |
01-05-1961 De Nederlandse Industrie; Orgaan van het Verbond van Nederlandsche Werkgevers
H. J. de Koster, algemeen voorzitter van het Verbond
Toen dr. ir. F. Q. den Hollander op 30 juli 1959 het algemeen voorzitterschap van het Verbond aanvaardde, heeft hij daarbij uitdrukkelijk te kennen gegeven, dat hij deze functie slechts twee jaar op zich kon nemen, een wens, die uiteraard gerespecteerd moest worden. In de achter ons liggende jaren heeft het bestuur onder de uitstekende leiding van de heer Den Hollander vruchtdragend kunnen werken en het heeft zijn besluit om na de besloten algemene ledenvergadering op 18 mei af te treden dus node moeten aanvaarden.
Het stemt echter tot voldoening, dat de heer H. J. de Koster, directeur van de N.V. Meelfabriek „De Sleutels” v/h De Koster & Co. te Leiden, bereid is gevonden de veelomvattende taak van het algemeen voorzitterschap te aanvaarden. Als lid van het presidium van ons Verbond heeft de heer De Koster een volledig inzicht kunnen krijgen in de eisen, die aan de algemeen voorzitter worden gesteld en hij kent dus de taak, die een Verbond als het onze heeft, zowel nationaal als internationaal.
Met name op het internationale terrein heeft de nu benoemde algemeen voorzitter een schat van ervaring opgedaan.
Reeds in 1945 trad hij op verzoek van de regering op als adviseur van de regeringscommissaris, hoofd van The Netherlands Government Food Purchasing Bureau in New York en sinds 1951 is hij als vice-voorzitter en voorzitter van de Internationale Vereniging van Meelfabrikanten werkzaam. Daarnaast is hij gedelegeerde van de Liaison Internationale des Industries Alimentaires.
Zijn belangstelling voor het internationale werk leidde er ook toe, dat hij als lid van het presidium van ons Verbond, waarin hij in 1959 werd benoemd, voornamelijk werd belast met de behandeling van buitenlandse aangelegenheden.
Hij heeft de stem van ons Verbond uitgedragen in de Conseil des Présidents van de Union des Industries de la Communauté Européenne, in de Conseil des Fédérations Industrielles d’Europe en in het Economisch en Sociaal Comité van de E.E.G., een organisatie, die, wat haar adviserende taak betreft, te vergelijken is met de Nederlandse Sociaal-Economische Raad.
In het werk, dat de heer De Koster tot nu toe heeft verricht, is een sterke wisselwerking aan te wijzen met het overleg in nationaal verband. Daarin vond hij zijn taak in de Commissie Internationale Sociaal-Economische Aangelegenheden van de S.E.R. en in de Commissie Internationale Vraagstukken van de werkgevers en werknemersorganisaties.
Bovendien maakt de heer De Koster deel uit van het bestuur van het Hoofdproduktschap voor Akkerbouwprodukten en als plaatsvervangend bestuurslid van het Produktschap voor Granen, Zaden en Peulvruchten.
Van de nieuwe algemeen voorzitter van ons Verbond kan dus gezegd worden, dat hij is: nourri dans le sérail. Hij heeft zijn sporen ruimschoots verdiend en het is daarom, dat het bestuur van ons Verbond de heer De Koster met volledig vertrouwen heeft begroet. Moge ons bestuur ook onder zijn leiding de belangen van onze snel groeiende industrie met vrucht kunnen behartigen.
| ___________________________________________________________ |
Henri Johan de Koster, 05-11-1914 Leiden, † 24-11-1992 Wassenaar
1940-1945: leider verzetsgroep Peggy
1946-1964: directeur N.V. De Sleutels (voor 1928 De Koster & Co) te Leiden
1951 – ?: (vice-)voorzitter Vereniging van Meelfabrikanten
1964-1967: bestuurslid Meneba, die De Sleutel had overgenomen
1961-1967: voorzitter Nederlandse Werkgevers
1962-1967: voorzitter van de Unice
1967-1971: staatssecretaris van Buitenlandse Zaken (Kabinet De Jong)
1971-1972: minister van Defensie (Kabinet Biesheuvel I)
1972-1973: minister van Defensie (Kabinet Biesheuvel II)
1973-1977: Tweede Kamerlid (VVD)
1975: lid besloten vaste Tweede Kamercommissie voor Defensie; hij heeft de vertrouwelijkheid doorbroken door Prins Bernhard te informeren over de smeergelden van Northtrop en Lockheed
1975-1976 voorzitter Benelux-parlement
1977-1980: Eerste Kamerlid (VVD)
1978-1981: voorzitter van de Raadgevende Vergadering van de Raad van Europa
| ___________________________________________________________ |
De Nederlandse industrie
Vraaggesprek met H. J. de Koster
In een vraaggesprek met een redacteur van de Handels & Transport Courant vertelde de algemeen voorzitter van ons Verbond o.a. dat hij de helft van zijn tijd besteedt aan de macro-economie (het organisatiewed) en de andere helft aan de micro-economie. Die laatste ligt voor hem in Leiden en Rotterdam (sinds de fusie tussen De Sleutels en de Meneba) en … in Canada.
Aangezien onze lezers die laatste activiteit waarschijnlijk wat minder bekend zal zijn citeren wij wat de heer De Koster daarover aan de H.T.C. vertelde:
Het begon in 1951 toen hij nauw betrokken raakte bij een groep Nederlanders, die het meer Pittlake bij Vancouver ging droogleggen op dezelfde wijze als dit met de Zuiderzee is gebeurd. Na voltooiing van het project kreeg de ingenieur, onder wiens leiding het werk was uitgevoerd, een interessante opdracht.
De heer De Koster nam daarop het initiatief tot oprichting van het raadgevend ingenieursbureau C.B.A. Engineering. Dit is thans een van de grootste ingenieursbureaus in Canada. Het bureau, dat 134 werknemers telt, van wie 35 ingenieurs, heeft reeds grote kunstwerken in West-Canada op zijn naam. De laatste twee jaren werd voor niet minder dan 130 miljoen dollar ontworpen. Thans is men o.a. bezig aan het ontwerpen van paviljoens voor de komende wereldtentoonstelling in Montreal.
De heer De Koster houdt toezicht op de onderneming van Nederland uit: „langeafstandsbediening”. Maar hij gaat er ook vaak heen. „Via de tarwe heb ik uiteraard veel relaties in Canada.”
Op zijn privé kantoor aan de Lange Voorhout in Den Haag hangt een afbeelding van de Port Mann Bridge over de rivier Fraser, een van de successen van de C.B.A. Engineering, ingelijst aan de muur.
| ___________________________________________________________ |
Naar Uitreikingen “Zilveren Broodmand”