| ___________________________________________________________ |
13-03-1987 Nieuwsblad van het Noorden, vrijdag
Poolse weefkunst in Allersmaborg
Tien jaar geleden begon Annie Vriezen op de toen net verbouwde Allersmaborg in Ezinge met het maken van tentoonstellingen eigentijdse kunst. Met haar programma van doorgaans zes exposities per jaar boekt zij inmiddels zon tienduizend bezoekers. Redenen genoeg voor een spectaculaire reeks van jubileum tentoonstellingen waarin textiel en beeldhouwkunst centraal staan. Uit Polen haalde de Ezinger weefster negentig textielobjekten van tweeënveertig deels internationaal bekende kunstenaars. De aanzet tot een Poolse manifestatie in het Reitdiep-kwartier.
Dat de Poolse weefkunst zon prominente plaats in het jubileum van de Allersmaborg heeft gekregen, vindt zijn grondslag in ruim twintig jaar intensieve contacten tussen Groningen enerzijds en de weefacademies van Warschau en Poznan anderzijds. En daar tekende zich in diezelfde periode een dermate experimentele ontwikkeling af, dat zeker in; de jaren 1962-’76 Poolse kunst internationaal synoniem werd met textielkunst. Daarbij gaat het om een toch al levendige traditie van volkskunst waarin de bontkleurige dubbelweefsels (kelim) naar oud-Aziatische oorsprong werd verbonden met het zoeken naar nieuwe expressievormen. Traditionele wollen, linnen en zijden garens werden; aangevuld met allerlei materiaal. Touw, sisal, raffia, jute, paardehaar, metaaldraad, plastic, huiden, hout, metaal en glas werden verwerkt. Het gangbare staande (Haute-Lisse) getouw of liggende (Basse-lisse) gestoelte ging daarbij aan de kan. Vrij tegen de wand op of zelfs in de ruimte werden kettingdraden opgespannen. Zo werden de weefsels driedimensionale plastieken, organische nestvormen zoals de kolossale ‘Abakans’ die Magdalena Abakanowicz rond 1970 ook met veel succes op een tentoonstellingstournee door Nederland toonde. Textiel werd voor Poolse kunstenaars uit alle disciplines een mogelijkheid om zich ’te ontladen.’ Nauwelijks verhuld zijn dan ook de toespelingen op de politieke situatie. Abakanowicz maakt in deze tijd furore met installaties van levensgrote figuren, waarbij zij met verlijmde jute afdruksels van menselijke gestalten heeft gemaakt. Die stellen onder andere monddood gemaakte robotten in kooien voor. Ulla Plewka-Schmidt — haar vroegere leerling en huidige collega in Poznan — maakt met immense portretten van Maria en oude Poolse koningen geen geheim van haar religieus-nationalistische gevoelens. Van die ontwikkelingen geeft de huidige expositie moment-opnames. Meer kan ook niet binnen het bestek van een dergelijke tentoonstelling gevraagd worden. Wat getoond wordt is werk dat een periode van twintig jaar beslaat. Een donker hartvormig kleed van Abakanowicz is nog van 1968. Van de Warschause pionier Sadley hangt een schitterende wijnrode verknoping, die lijkt op een heksennest-vergroeiing in populieren. Prachtige dubbel weefsels in wit-zwart van Krystiria Nadratowska hangen in Oostum. Het sterk geometrische concept legt een link naar de Poolse avant-garde van de jaren twintig toen de ideeën van de Russische constructivist Malewitsj vooral in Warschau gretig gehoor vonden. De eigentijdse avant-garde wordt op de Allersmaborg zelf geëxposeerd. Typisch Pools is dat werk niet meer. Het illustreert evenmin nog een toppositie van Polen op textielgebied. Die rol heeft met name Japan allang overgenomen. Toch geven de macramé-netten, van papieren koorden van Anna Goebel, de fantasierijke ‘jurken’ van Romana Szymanska — Poolse pinkster-bruidstoiletten lijken het wel en de non-woven objekten van Natalia Piontek. aan, dat Polen nog steeds meetelt. Gezien de bijzonder vruchtbare connectie tussen Noord-Nederland en Polen op textielgebied (Poolse wevers geven, al jarenlang scholing in Bakkeveen), kunnen ook die nieuwe aanzetten hier, werkwijzen losmaken die het stramien van huisvlijt en kopieerzucht doorbreken. FRIGGO VISSER
Vanwege de museale omvang van de met hulp van de staatsexport-organisatie Ars Polona gerealiseerde expositie besloot Annie Vriezen van de Allersmaborg twee tentoonstellingsrondes te organiseren. In de eerste expositie die tot 27 april duurt, zijn buiten de Allersmaborg ook de kerkjes van Ezinge, Oostum en Fransum betrokken. Daarnaast brengt Galerie Galli werk in de Groninger Steentilstraat. De tweede expositieronde is gecentreerd op de Borg Verhildersum in Leens. Voor die tentoonstelling zijn vijfentwintig objekten gereserveerd, Galerie Detail haakt tezelfdertijd op de minifestatie in met een expositie over Poolse sieraden van nu. In de loop van april moet ook de catalogus waarop nu al kan worden ingetekend, klaar zijn. Nieuw voor de Allersmaborg, maar onvermijdelijk is,- dat ditmaal entree geheven moet worden. Voor de toegang tot alle locaties wordt in de eerste ronde f 6,00 per persoon gevraagd.
| ___________________________________________________________ |
Naar Poolse wandkleden en sieraden in Leens