Reinders 12-01-1837: 4 dorschblokken, koolkleden, zetboer; geruchten 

___________________________________________________________

Noordpolder den 12 Januarie 1837  

den Heer N. J. de Cock
te Rotterdam 

Mijn Heer & Vriend ! 

  Uw geeerde van den 2 Dec: der vorige maand is mij wel geworden en u antwoord dient. 

  De door mij uitgevondene Zaaimachine zal plus f 80 moeten kosten. – 

  Dat ik bij gelegenheid op UEd zal trekken de nog competerende penningen ingevolge gezondene nota van de 6 November 1836. 

  Verder moet ik UEd verzoeken om de maat voor de 4 Dorschblokken, waarvoor het hout reeds voorleden winter is ingekort. – 

Mij komt voor, dat als de maat nu hetzelve met die van nu overeenkomt en zoo gemaakt worden; dezelve op Eijerland altoos kunnen gebruikt worden. – 

Trouwens of worden de schuren ook eens zoo klein als mijne op Eijerland. – 

  Zoo UEd tegen aanstaande zomer Koolkleden van hier verlangd zal zulks voordeliger zijn die vroeg te bestellen.

  Voorleden voorjaar is hier een persoon achter gebleven als zetboer, welke belooft is, zoo van hier nog Zetboeren mogten worden aangenomen dat hij dan de eerste zoude zijn.- Ik durf hem wel recommanderen. 

  Overigens heb ik geen bijzonders mede te deelen, hoop echter dat de hier vertelt wordende geruchten onwaarheid zullen zijn, nl: dat de directie van Eijerland zodanig uit het velt is geslagen door het omwaaien der schuuren dat zij besloten heeft alle timmering te staken, als ook de verdere cultuur van het Eijerland zelve. 

  De gewassen staan hier over het algemeen zeer wel en mijne Mangelwortels zijn best beslagen, en worden met groot voordeel aan d beesten gevoederd. – 

  Ik hoop dat deze UEd in welstand moge geworden en het genoegen mag te hebben van schielijk eenig antwoord te mogen ontvangen. 

  Na nog van uwe vriendschap te hebben aanbevolen zoo teken ik nog met de meeste hoogachting 

UEd DW Vriend GReinders 

inlegvelletje:
Hier zegd men algemeen dat de aanwassen bij langs den dollard (domein) niet meer zullen verkogt worden. 

Hoe staat deze zaak? 

van G hoor ik niets; het is hier wel bekend, dat UEd en ik in de zaak betrokken zijn. 

___________________________________________________________

Naar Brieven 1837/1837