___________________________________________________________ |
Copia
Henricus Cleveringa wegens de Hoog Wel Gebr Heer F: F: Baron van In en Kniphuisen Heer van Ulrum en onderhorige Dorpen etc: etc: etc: Geconstitueerde Rigter van t Groote en Kleijne Reedschap etc: Betuige met desen openen versegelden brieve van [transfix] dat personelijk voor mij zijn gecompareert
Jan Thomas en Margaretha Elisabeth Tonnis Ehelieden woonagtig op Zuurdijk dewelke bekenden en beleden, hoe het laaste termijn van hun gekogte en bewoonde boeren plaatse op Zuirdijk en de coopbrief van den 4 Junii 1782 (met desen [transfix] wijse verbonden) vermeld, en thans verschenen ter summa van negen hondert twee en vijftig Car: Gulden en tijn Stuvers met der Comparanten en debiteuren voorkennis, en op hun versoek was opgeschoten door Monsieur Lippe Melis en Juffrouw Liefdina Tebbens Ehelieden op Panser, welke daar voor op den 23 Maij 1782 cessie hadden bekomen van verkopersche Jemme Lubberts in welke cessie zij comparanten debiteuren verklaarden volkomen genoegen te nemen, en beloofden van dese voor hun opgeschotene 952 Car: Gulden en 10 Stuvers jaarlijx na vier pro cento bedragende in genere een summa van 38 Car: Gulden en 2 Stuvers huire in plaats van rente te sullen betalen, en sal het eerste jaar huire in plaats van rente verschenen zijn op den 23 Maij 1784, en soo vervolgens jaarlijx en onverjaard tot dage van aflossinge toe, en wien de alossinge eerst begeert, sal het den ander een vierendeel jaars voor diens verschijndag moeten laten opseggen, om als dan dit opgeschoten termijn Coopschat a 952 Gl: 10 St&, met diens huiren in plaats van renten te mogen of moeten opbrengen, in vrij kost en schadeloos geld, met de kosten van opsaege boven dien, voor welke capitaal en de verschijndene huire in plaats van renten zij comparanten debiteuren (:buiten en behalven het gecedeert regt van geresveerden eijgendom op dit gekogte:) aan de opschieteren voornoemt, jeder in solidum ten onderpand stelden alle hunne reeds hebbende en nog verkrijgende goederen geene uitgesondert, deselve ter parate reale executie aan alle Hoge en Lage Regten en Gerigten ter eerste instancie submitterende met renunciatie aan alle tegenstrijdige exceptien, en in specie die van ordinis et divisionis, en zij vrouw debitrice mede die der vrouwelijke voorregten [] waar van verklaarde door mij Zegulaar wel geinformeert te zijn. In oirkonde des waarheit, en tot vestenisse deses heb ik Rigter opgemelt desen op der comparanten versoek en belijenge met de in desen vermelte coopbrief [transfix] wijse verbonden, en voorts met mijn gewoon Zegul en naams subscriptie gecorroboreert, In ’t jaar onses HEEREN 1700 drie en tagtentig op den Agt en twintigsten Maij 1783.
(:was getekend) H: Cleveringa Rigter
De originele deses was op francijn geschreven en met een Zegul van groen wasse bevestigt.
___________________________________________________________ |
Naar Boerderij “Dijkstede”