| ___________________________________________________________ |
15-02-1957 Het Binnenhof, vrijdag
VOOR MINISTERIELE VERDIENSTEN
Zilveren broodmand voor dr. S. Mansholt
(Van een onzer verslaggevers)
De minister van Landbouw en Voedselvoorziening, dr. S. L. Mansholt, heeft gistermiddag in hotel de Wittebrug te Den Haag als eerste Nederlander, die zich op liet gebied van de voedselvoorziening bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt, de nieuw ingestelde onderscheiding van de Nederlandse vereniging van meelfabrikanten ontvangen. De onderscheiding in de vorm van een zilveren broodmand werd uitgereikt door de voorzitter, de heer H. J. de Koster, die haastig de vertegenwoordigers van de bakkerij geruststelde dat de vorm van de onderscheiding echt geen geruisloze annexatie van deze bedrijfstak impliceerde.
Onderscheiding meelindustrie
Hoewel minister Mansholt bij de aanvaarding van zijn ambt, zo zei de voorzitter, in 1945 voor een schier hopeloze taak stond, was hij ook in die dagen in hoge mate actief geïnteresseerd in de internationale problemen van de voedselvoorziening en getuigde hij van een voor dat moment uitermate ruime visie. Alom bekend, aldus de voorzitter, is het plan Mansholt, om te geraken tot een gemeenschappelijke markt op het gebied van de landbouw.
Onverbrekelijk
Zeven jaren na publikatie van dit plan ziet het ernaar uit, dat overeenstemming zal worden bereikt. Dat algemeen geaccepteerd wordt, dat de landbouw een onverbrekelijk deel moet uitmaken van de gemeenschappelijke markt is voor een groot deel het gevolg van het initiatief en doorzettingsvermogen van de minister.
De voorzitter zei in de onderscheiding ook het ministerie, medewerkers en adviseurs te willen eren.
In zijn antwoord zei de minister juist hierover bijzonder verheugd te zijn en hij dankte voor het spontane initiatief.
Sprekende over de problemen bij de gemeenschappelijke markt, zei minister Mansholt, dat geluiden worden gehoord dat de landbouw niet kan worden opgenomen in de vrijhandelszone. Het zou voor Nederland onaanvaardbaar zijn, als er een vrijhandelszone kwam, waarin niet de landbouw zou zijn inbegrepen.
Niettemin had hij goede hoop, dat men tot resultaten zou komen, als men de totaliteit van de vraagstukken onder ogen durfde te zien.
De bijeenkomst, door een receptie gevolgd, werd onder meer bijgewoond door ir. T. P. Huisman, voorzitter hoofdbedrijfschap voor akkerbouwprodukten, de heer H. D. Louwes, voorzitter van het landbouwschap en handelsraden, attachés van verscheidene ambassades.

Minister Mansholt (rechts) is de eerste Nederlander die is onderscheiden met de zilveren broodmand van de Nederlandse Vereniging van Meelfabrikanten voor zijn verdiensten op het gebied van de voedselvoorziening, Hij ontvangt de broodmand hier uit handen van de voorzitter, de heer H. J. de Koster (links).
| ___________________________________________________________ |
21-02-1957 Groninger Landbouwblad
Zilveren broodmand voor min. Mansholt
De Nederlandse Vereniging van Meelfabrikanten heeft vorig jaar het besluit genomen om op gezette tijden een zilveren broodmand uit te reiken aan een Nederlander, die zich op het gebied van de voedselvoorziening bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt. De verdiensten kunnen liggen op wetenschappelijk, bestuurlijk, economisch, organisatorisch of technisch terrein.
In een op 14 februari 1957 te Den Haag gehouden plechtigheid heeft de voorzitter van genoemde Vereniging, de heer H. J. de Koster voor de eerste maal deze broodmand uitgereikt aan de minister van Landbouw, Visserij en Voedselvoorziening, dr. S. L. Mansholt.
In zijn toespraak wees de voorzitter er op, dat de Vereniging van Meelfabrikanten met deze onderscheiding niet alleen de minister, maar ook zijn medewerkers heeft willen danken voor hun werkzaamheid in het belang van de Voedselvoorziening.
In dit verband werd tevens gewezen op het werk, dat door de Minister op internationaal terrein is verricht.
Sprekende over het stimulerend werk op wetenschappelijk terrein schonk de heer De Koster bijzondere aandacht aan de opvoering van de kwaliteit en de produktiviteit in de landbouw.
Ook voor de maalindustrie en de Nederlandse broodvoorziening is deze ontwikkeling van grote betekenis. Men heeft in de kring der Meelfabrikanten bewondering voor de tarwe-opbrengsten per ha. Toch vraagt men zich af of bij de ontwikkeling van de nieuwe tarwerassen de nadruk niet teveel ligt op het kwantum. Kan het zijn, dat er een mogelijkheid is een ras te ontwikkelen, waarbij behalve de verhoogde opbrengst tevens een nog beter bakaard wordt verkregen.
In zijn dankwoord wees de minister er op, dat hij blij is dat de hem verleende onderscheiding mede bedoeld is voor zijn medewerkers. De regering heeft het de maalindustrie niet altijd even gemakkelijk gemaakt, maar het is nu eenmaal zo, dat de belangen van velen nauwkeurig tegen elkaar afgewogen moeten worden. Met betrekking tot de bakwaarde zeide dr. Mansholt, dat de boer zeker aandacht wil schenken aan de kwaliteit. Maar dit zal dan beloond moeten worden.
| ___________________________________________________________ |
Naar Uitreikingen “Zilveren Broodmand”