| ___________________________________________________________ |
03-04-1968 ……..
Prof. M.J.L. Dols ontving Zilveren Brood
Op 3 april heeft drs. H. J. P. Verschaffel, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Meelfabrikanten (rechts) de Zilveren Broodmand uitgereikt aan prof. dr. M. J. L. Dols. Deze onderscheiding wordt jaarlijks aan een Nederlands persoon of instelling toegekend die zich bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt op het gebied van de voedselvoorziening.
Aan prof. Dols is deze onderscheiding toegekend voor zijn verdienste op het terrein van de voedingswetenschap, zijn werk als voorzitter van de Voedingsraad en van de Adviescommissie Warenwet alsmede voor zin werk in de Wereldvoedselorganisatie (F.A.O.) en de Wereldgezondheidsorganisatie (W.H.O.) en zijn voorzitterschap van de Codex Alimentarius Commissie.
Drs. Verschaffel heeft deze activiteiten in een toespraak bij de overhandiging duidelijk in het licht gesteld, daarbij memorerend dat dank zij de voortreffelijke en beminnelijke wijze waarop prof. Dols zin werk heeft verricht er een goed samenspel tot stand is gekomen tussen overheid en bedrijfsleven.
In zijn dankwoord is prof. Dols uitvoerig ingegaan op de vele problemen waarmee men te maken heeft bij het werk in de Codex Alimentarius Commissie.
| ___________________________________________________________ |
15-03-1968 Nieuwsblad van het Noorden van het Noorden, vrijdag
Prof. Dols over wereldvoedselsituatie: ‘We redden het wel al is de toestand ernstig‘
(van onze correspondent in Den Haag)
„We horen zo vaak, dat tweederde van de wereldbevolking slecht of verkeerd is gevoed. Van dat percentage zouden we nu eindelijk eens af moeten. Ik schat dat vijftien procent van de mensen echt honger heeft, maar het percentage verkeerd gevoeden kunnen we gerust op honderd stellen. Ook de Nederlanders voeden zich dus verkeerd: te veel vet, te veel suiker.”
Prof. dr. ir. M. J. L. Dols moet, over zichzelf en zijn werk sprekend,, kort zijn: hij heeft nog maar een half uurtje voordat hij aan een van zijn laatste ambtelijke lunches gaat aanzitten. Professor Dols gaat met pensioen. Per 1 april legt hij een scala van functies neer, waarvan hij zelf zegt dat ze in elkaar grijpen:
Het voorzitterschap van de Voedingsraad, van de Adviescommissie Warenwet, van de Stichting Voorlichtingsbureau voor de Voeding, van de Nederlandse Vereniging voor Voedingsleer en Levensmiddelentechnologie en niet in de laatste plaats het raadadviseurschap van de minister van Landbouw. Zijn functies bij de Wereldvoedselorganisatie en de Wereldgezondheidsorganisatie van de Verenigde Naties, heeft hij twee weken geleden neergelegd, maar hij blijft buitengewoon hoogleraar aan de universiteit van Amsterdam.
Optimist
Wat vindt hij van de wereldvoedselsituatie?
De voedingsdeskundige zegt: „Ik ben zelf altijd een optimist gebleven. We redden het wel, al is de toestand ernstig. Kunnen we de hele wereldbevolking voeden? Dan zeg ik „ja“.
De vraag is alleen of we het snel genoeg kunnen. Knollen produceren (hij lacht vergenoegd) is gemakkelijk, maar voldoende hoogwaardige eiwitten kunnen ons te hulp komen bij de verbetering van de samenstelling van eiwitten tot hoogwaardige eiwitconcentraties. Kunstmatige produkten zijn vooralsnog te kostbaar. Lysine speelt nog de grootste rol”.
Vier dagen na zijn pensionering krijgt professor Dols de zilveren broodmand van de Nederlandse Vereniging van.Meelfabrikanten uitgereikt, wegens zijn verdiensten op het gebied van de voedselvoorziening. Een onderscheiding die in 1957 is toegekend aan zijn toenmalige „baas” oud-minister van Landbouw dr. S. L. Mansholt.
Professor Dols: „Ja, die vereniging had mij die prijs liever nog vóór mijn pensionering willen overhandigen, maar ik ben er erg gevoelig voor als iemand in functie iets krijgt. Daarom heb ik gevraagd met de uitreiking te willen wachten tot een dag waarop ik geen ambtenaar meer ben”.
Pakketten
De hoogleraar-overheidsdienaar uit Wassenaar ziet de voedselvoorziening aan het eind van de Tweede Wereldoorlog als een ontroerend hoogtepunt in zijn loopbaan.
„Van het dak van een villa af heb ik gezien hoe al die pakketten neervielen. Al die enthousiaste mensen …
De pakketten werden uitgeworpen op vliegvelden want het zou levensgevaarlijk zijn, om ze zo maar uit te gooien, gezien de kans op vechtpartijen.
Technisch kennen we geen problemen voor voedseldroppings, maar er zijn enorme moeilijkheden. Bij een atoomoorlog heb je te maken met radioactieve neerslag. Als alles is besmet heeft droppen geen zin, want de mensen moeten in dekking blijven. Ze moeten het dan uitzingen met een noodvoorraadje. Maar dat is een probleem voor de civiele verdediging, bijvoorbeeld de BB.
Die droppings aan het eind van de oorlog waren overigens een paar maanden eerder bedoeld. Militaire overwegingen hebben dat onmogelijk gemaakt”.
„Toen er na de oorlog, vooral als gevolg van de importen uit Amerika, weer voldoende voedsel was, konden we ons op de kwaliteitsverbetering gaan toeleggen. We streefden naar standaarden, waaraan het produkt vooral uit een oogpunt van volksgezondheid moet voldoen. Het ging om het best mogelijke produkt”.
Professor Dols blijkt veel interesse te hebben voor twee problemen waar we nu mee te maken hebben: toevoegingen aan voedsel en de schadelijke resten van pesticiden.
Reclame
Een herhaald telefoontje maakt duidelijk dat de aanwezigheid van prof. Dols bij de lunch wordt verlangd. De reclame is het; laatste onderwerp.
Met advertenties is prof. Dols lang niet altijd gelukkig.
„Reclame“, zegt hij „suggereert vaak dingen, die niet waar zijn.
Of beter gezegd, de accenten liggen vaak verkeerd.
Bijvoorbeeld: „Dit nieuwe produkt bevat vitamines”. Maar als het minder dan één promille is, dan heeft dat natuurlijk geen enkel effect. De verpakkingen zijn wel geregeld”.
„Al in 1943 zijn we erover gaan denken,’ hoe een aanprijzingsbesluit er uit zou moeten zien. Maar (lacht alsof hij een mop vertelt) we hebben geen kans gezien een behoorlijk besluit te maken.
Als op een verpakking staat, dat een bepaald bestanddeel er in zit, dan is het wettelijk strafbaar, als blijkt, dat dat gewoon niet waar is.
Veel advertenties zijn echter vreselijk vaag. Daar zit de grote moeilijkheid”.
| ___________________________________________________________ |
Naar Uitreikingen “Zilveren Broodmand”